Oppeppen van een achterblijvend volk na de winter


Als volken uit de winter komen is de volkssterkte van alle volken verschillend. Er zijn vrij sterke volken maar er zullen ook wat mindere volkjes bijzitten.
Broeder Adam verdeelde de met bijen bezette ramen over alle volken zodat zij allen even sterk werden. De ramen dienen daarbij met erop zittende bijen verplaatst te worden.

Een andere methode is om op een sterker volk een moerrooster te leggen en daar bovenop een zwak volk te plaatsen. (Er hoeft in het voorjaar geen krant tussen) Dat zwakke volk moet wel broed hebben want anders gaan de bijen door het rooster naar beneden en laten de koningin alleen achter in een verder lege kast.  Het zwakke volk profiteert van de warmte van het sterke volk. De bijen verdelen zich over beide volken. Beide volken gebruiken het vlieggat van het onderste volk. Na drie tot vijf weken worden beide volken opzij geschoven en zetten we het bovenste, voormalige zwakke volk, op een bodem op de plaats waar beide volken stonden en krijgt een honingkamer. Het sterkere volk plaatsen we er vlak naast. Het zwakkere volk ontvangt nu de vliegbijen en wordt nog sterker.

Het is wel zo dat er een oorzaak kan zijn waarom een volk achter blijft. Het kan aan de koningin liggen maar het kan ook zijn dat het gewoon te klein is ingewinterd. Even in de gaten houden dus.